Gouda in 2040 van het gas blijkt onhaalbaar

Energietransitie vraagt om landelijke sturing

Negen maanden lang zijn 4 journalisten van Stichting Lokale Verbinding gedoken in de wereld van de energietransitie. Een wereld die gedreven wordt vanuit zowel de techniek, als politiek, economie, maatschappij en milieu. In al deze werelden zitten specialisten, lobbyisten en heersen meningen. Deze verschillende werelden hebben ieder invloed op de mate van succes en richting van het energietransitie-project.

Het zijn verschillende knoppen die positief of negatief bijdragen aan het succes van de energietransitie. Deze knoppen vormen samen het dashboard. Als ze positief bijdragen gaat de transitie vooruit, draagt een knop negatief bij dan wordt de transitie geremd.

Advertisements

In dit onderzoek hebben we gekeken naar deze afzonderlijke knoppen. De opgedane inzichten staan beschreven in aparte hoofdstukken. Daarna volgt de samenhang en conclusie. We hebben op basis van onze onderzoeksresultaten twee scenario’s opgesteld hoe Nederland dit project zou kunnen aanvliegen om binnen de beschikbare tijd (tot 2050) de energietransitie uit te voeren.

De kern onderzoeksvraag bij de start van het onderzoek was “Gouda 10 jaar eerder van het gas af, is dat verstandig?”. De gemeente Gouda heeft namelijk als doelstelling om in 2040 van het gas af zijn, terwijl de landelijke doelstelling 2050 is.
Echter, de energietransitie is geen “Goudse” uitdaging maar een landelijk project waarbij iedere gemeente op dezelfde vragen, uitdagingen en problemen stuit. De stap binnen de energietransitie om van een hoog abstractieniveau naar een concrete uitvoering te gaan is op dit moment voor een gemeente een zoektocht waar veel tijd en geld mee gemoeid is. Gouda is voor specifieke onderdelen van het onderzoek ons werkveld geweest, maar de kennisbronnen voor dit onderzoek zijn bedrijven, adviseurs en kenniscentra uit het hele land.

Knop 1: De individuele woning, welke zijn geschikt?

De energietransitie is voor iedere woningeigenaar een individueel project. Aangeslingerd door de hoge gasprijs en bovenal door de boodschap van de landelijke en lokale overheid (je moet van het gas af!). Maar waar te beginnen en is jouw woning wel geschikt om nu of morgen van het gas af te gaan?

Ieder huis is anders en het zoeken naar een passende oplossing voor jouw woning is niet eenvoudig. Uit onze gesprekken blijkt dat, zelfs voor mensen die vertrouwd zijn met de materie, de keuze van oplossingsrichting en aansluitend die van het product en leverancier al niet eenvoudig is. Laat staan als niet veel hebt met cv-ketels, warmtepompen, zonnepanelen, hybride systemen, palletkachels en andere technieken.

Binnen de huidige koers moet iedere woningeigenaar hetzelfde proces doorlopen, namelijk: kennisverrijking, keuzes maken, offertes aanvragen, financiën vinden, opdrachtgever zijn en uiteindelijk afnemer van de nieuwe installatie(s). Jouw omstandigheden zijn uniek en het ontbreekt aan landelijke sturing over hoe de toekomstige energievoorziening in Nederland er uit gaat zien. Wie zegt dat je op dit moment de juiste keuzes maakt? Je bent als woningeigenaar redelijk aan “de goden overgeleverd”.

Om een stad als Gouda van het gas te krijgen is het noodzakelijk om te weten wat voor soort woningen er staan in deze stad. Voor de energietransitie zijn bepaalde kenmerken van de woning relevant voor een succesvolle transitie naar gasloos. Bijvoorbeeld de isolatiewaarde van de woning en de beschikbare binnenruimte voor het plaatsen van apparatuur. Best wel gedetailleerd dus. Navraag bij de gemeente en woningcorporaties leerde ons dat men niet beschikt over deze voor de transitie relevante informatie. Het detailniveau waarop op dit moment de gemeente denkt ligt nog duidelijk een standje lager.

Echter, met de informatie over de woningeigenschappen krijg je inzicht in de omvang van het transitieproject: welke woningen zijn wel of niet geschikt voor de transitie naar gasloos en in geval van “ongeschikt”, wat moet er per individuele woning worden aangepast? Door dit in kaart te brengen, ontstaat er een beeld van wat er allemaal nog moet gebeuren in Gouda voor 2040.

Omdat de noodzakelijke gegevens over de woningen in Gouda ontbreken, zijn we als onderzoekers zelf de informatie gaan verzamelen, door dit te vragen aan de inwoners. Maar daarvoor was wel een systeem nodig.

Als eerste hebben we een systeem opgezet met 8 categorieën waarin een woning kan vallen. Per categorie kan vervolgens een technische oplossingsrichting worden aangegeven om van het gas af te gaan (‘niet’ is ook een oplossing in deze). Elke oplossingsrichting heeft ook een budgetkaartje. Op deze wijze is heel Gouda in een tabel onder te brengen om direct inzicht te krijgen in de kansen, uitdagingen en risico’s van de migratie. Ook vertelt het je of Gouda in 2040, 2050 of wellicht nooit van het gas af is.

Om de eigenschappen van woningen te verzamelen heeft het onderzoeksteam een enquête opgezet en zijn we vier maanden lang straat voor straat in Gouda gaan flyeren met de vraag of men de enquête wil invullen. Bijna 89% van de woningen is benaderd. Dit heeft ons uiteindelijk een inzicht gegeven over zo’n 8000 woningen in Gouda, dit is 23% van alle woningen (het totaal aantal woningen in Gouda is 34.065).

Meer over de enquête en het flyeren in dit achtergrond artikel: “Achtergrond energietransitie onderzoek: Enquête naar transitie mogelijkheid Goudse woningen”

De voornaamste uitkomsten van het Goudse woningonderzoek zijn:

• 16% van de woningen is goed te migreren naar een andere wijze van verwarmen: de woning beschikt over een goede isolatiewaarde, er is voldoende ruimte in de woning voor nieuwe apparatuur (lees: ruimte voor de tapwaterboiler van 200-300 liter (= even groot als een koelkast) en voor de warmtepomp (= ook een koelkast)) en ook het deel van de apparatuur dat buiten komt te staan kan een plekje krijgen.

• 6% van de woningen is ingewikkeld om te migreren. Hiervoor zijn ingrijpender maatregelen nodig. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een grote kast in de tuin of ander maatwerk.

• 80% van de woningen kan nog niet van het gas af. Deze woningen zijn nog niet goed geïsoleerd, vallen onder de monumenten wet of beschikken over onvoldoende ruimte om een technische oplossing te plaatsen.

Uit cijfers van de website “allecijfers.nl” blijkt dat 70,7% van de woningen in Gouda een energielabel hebben van C of lager (t/m G). Dus 29,3% van de Goudse woningen is (peildatum september 2022) wat betreft zijn isolatieniveau geschikt om van het gas af te gaan. Bij 70,7% van de woningen in Gouda zullen eerst aanvullende isolatiemaatregelen moeten worden uitgevoerd alvorens te kunnen starten met van het gas af gaan.

Via de gesprekken met diverse specialisten en de woningcorporaties leerden wij dat galerijflats en flats of woningen met uitstekende balkons op dit moment niet van het gas af kunnen. Reden is dat de uitstekende betonnen delen vaak niet ‘ontkoppeld’ zijn van de woningen waardoor er een direct warmtelek ontstaat naar buiten toe. Ook monumenten zijn binnen de huidige wet- en regelgeving vaak niet voldoende te isoleren en kunnen niet zomaar van het gas af.

Op grond van het woningpark waarover Gouda beschikt kun je concluderen dat het voor Gouda niet mogelijk is om in 2040 de gaskraan dicht te draaien (bij wijze van spreken want of een gemeente de bevoegdheid heeft om daadwerkelijk de gastoevoer af te sluiten is onduidelijk).

Knop 2: De financiering, waar haalt een bewoner/eigenaar het vandaan?

Voor de gemiddelde woningeigenaar is de energietransitie onbetaalbaar. Uit de gesprekken met installateurs en consultants blijkt dat op dit moment het gasloos maken van een woning vooral een feestje is voor mensen die zonder moeite het investeringsbedrag kunnen opbrengen. Om met de woorden van de installateurs te praten, het is een feestje van de “happy few”. We zien ook op sociale media dat het hebben van een dikke gasloze installatie een bepaalde status geeft, zoals we dat in de jaren 70 en 80 zagen met autobezit.

Alvorens te beginnen met de transitie dient je woning sowieso een voldoende hoge isolatiewaarde te hebben. Dit komt in de regel neer op een energielabel van B of beter. Woningen die gebouwd zijn voor 1993 zijn op voorhand niet geschikt voor de transitie. Dit is een gevolg van de bouweisen die destijds gesteld werden aan woningen. Hier moeten eerst isolatiewerkzaamheden worden verricht, alvorens een stap richting gasloos te kunnen zetten.

Heb je een woning zonder vloerverwarming, reken dan op een flinke verbouwing als onderdeel van de transitie. Een woning die verwarmd wordt met radiatoren werkt namelijk op een hoge watertemperatuur (75 graden) en een warmtepomp werkt op een lage watertemperatuur (max 45 graden). Met de huidige technieken moeten de radiatoren er dus uit en moeten leidingen voor vloerverwarming erin. Het volledig van het gas af gaan van een woning kost in dergelijke situaties al snel tussen de 20.000-40.000 euro maar bedragen van 80.000 euro worden ook genoemd.

Het financiële plaatje voor een huiseigenaar wordt door de lokale politiek vaak gebagatelliseerd. Uitspraken als “je verhoogt gewoon je hypotheek” of “verzilver je overwaarde” komen regelmatig voorbij. Terwijl een goede financiële basis onder een project juist een primaire voorwaarde voor succes is. Het verkrijgen van een particuliere lening voor je transitie kan tijdrovend zijn en succes is op voorhand niet gegarandeerd. De recente ontwikkeling bij de nationale overheid voor het opzetten van een speciaal leenfonds klinkt veel belovend, maar de financiële kant van de transitie en de impact voor mensen zal van het begin tot het einde van het project altijd topprioriteit moeten krijgen van lokale en landelijke overheden.

Het verkrijgen van een individuele bekostiging voor iedere eigen woning heeft uiteraard effect op de doorlooptijd en de zekerheid van de overall planning van de energietransitie in een wijk. Immers, de ene persoon heeft het in 6 maanden geregeld met zijn bank en een ZZP-er is na 12 maanden nog bezig om de bank te overtuigen. Hoe kun je dan als gemeente besluiten om op een X moment de gas toevoer af te sluiten? Vanuit project-beheersbaarheid is het beter als dergelijke individuele afhankelijkheden niet aanwezig zijn in je planning.

De lokale overheid heeft overigens zelf ook een beperkt budget. In Gouda kan de gemeente 1 proefproject uitvoeren maar dat wordt dan ook wel gelijk “high end”. Warmte halen uit de Reeuwijkse Plassen en deze via leidingen naar een wijk verderop in Gouda brengen. Daarmee wil men een groep woningen verwarmen met een warmtenet. Daarna is het gemeentegeld op, is de verwachting. Het plan is nog niet uitgewerkt, dat staat voor 2023 op de planning.
De meeste inwoners in andere wijken van Gouda moeten de versnelde migratie (2040 van het gas af i.p.v. het landelijke 2050) op eigen kracht volbrengen, is de gedachte. De gemeente Gouda houdt vooralsnog vast aan deze ‘2040-doelstelling’. Hierbij erkennen zij dat voor de monumenten nog geen oplossing is in 2040.

Geld alleen is overigens niet een garantie op 100% succes. Uit proeven in pilotwijken, waar alles voor de bewoners werd betaald door de overheid, bleek toch zo’n 30 tot 40% van de bewoners niet mee te willen doen, toen de plannen werden gepresenteerd door de gemeente. Mensen zien het bijvoorbeeld niet zitten om hun zolder leeg te maken om ruimte te creëren voor een warmtepomp. De overheid moet bovendien handtekeningen regelen om antwoord te krijgen op de vraag: ben je tekenbevoegd voor deze woning? Het kostte de gemeente in specifieke wijken alleen al 3-4 jaar om de handtekeningen te verzamelen, volgens Benno Scheepers van CE Delft.
“Een wijk woning voor woning van het gas af halen, vraagt bijna om een militaire operatie,” aldus een hoogleraar (bron: 1Vandaag).

Knop 3: Mensen en middelen, waar zijn ze?

Voor dit onderdeel van ons onderzoek konden we leunen op onze collega-journalisten van landelijke kranten en andere media. Uit diverse publicaties blijkt dat er een groot tekort is aan (vak)personeel. Je hebt voor de transitie ‘handige handjes en knappe koppen’ nodig. Aan beide is een gebrek.
Er is zowel een tekort aan de installatiemonteurs als aan personeel bij de fabrikant van apparatuur en ook de bouw heeft veel te weinig mensen voor het aanpassen van woningen. Gemeentes en woningcorporaties kampen eveneens met personeelstekorten.

Daarnaast is er een te kort aan onderdelen. Alle landelijk bekende projecten voor bijvoorbeeld zonnepanelen (onder andere via energiebedrijven) kunnen geen nieuwe aanvragen aannemen. Het aanvragen van een offerte bij een installateur is vaak niet mogelijk omdat ze al voor 1 jaar of meer volgeboekt zijn.

Bij de fabrikanten van warmtepompen zijn wachttijden van 6 tot 12 maanden geen uitzondering. Iedereen die nu, bij de start van de winter 2022, zijn woning wenst aan te passen vist achter het net en zal geduld moeten hebben tot najaar 2023.

Schaarste drijft, volgens onze economische principes, ook de prijs op. Je mag als klant blij zijn dat een installateur kan of wil komen en onderhandelen over de prijs is zinloos. Geen ideale markt wanneer je als overheid verwacht dat huiseigenaren hun woning van het gas af koppelen, dan wel daartoe gedwongen gaan worden.

Ook de woningcorporaties hebben last van het tekort aan mensen en middelen. Dit bracht ons tot een interessant inzicht. In Nederland hebben we volgens de politiek een woningcrisis en een energiecrisis. Om de woningcrisis op te lossen moeten er meer huizen worden gebouwd. Om de energiecrisis op te lossen moeten vele huizen worden verbouwd. In de praktijk zijn dit vaak dezelfde vakmensen. Of je zet deze mensen in op nieuwbouw of op verbouw. Ze zitten elkaar dus in de weg, wat de oplossing voor beide crisissen belemmert en vertraagt.

Knop 4: De technische evolutie, over 10 jaar alles beter?

Het verduurzamen van een woning is vooral een technologische aangelegenheid. Isoleren daarentegen is dat veel minder. Het isoleren van je spouwmuur is behoorlijk uitgekristalliseerd en ook vloer- en dakisolatie zijn betrouwbare investeringen.

Echter, de installaties die benodigd zijn om gasloos je woning van verwarming en warm water te voorzien zijn complex, vol met elektronica en software. Nieuwe ontwikkelingen volgen elkaar in rap tempo op. Zoals de nieuwe hybride systemen die dit najaar zijn aangekondigd, waarbij de woning niet van het gas af gaat maar minder gas gaat gebruiken (tot wel 70% is de belofte).
Er lopen meer proeven in Nederland, geïnitieerd door de industrie en overheid samen. Zo is recentelijk de eerste straat aangesloten op waterstof (via de bestaande gasleidingen) en loopt er dus een proefproject voor hybride ketels. Beide proeven hebben een tijdsspanne van 3 jaar.

Er bestaat een reële kans dat, wanneer je nu investeert (als je al iets kunt krijgen), je weliswaar direct profiteert van de eventuele energiebesparing, maar dat er over 5 jaar een wellicht effectievere oplossing op de markt is.

Wat hierbij een grote rol speelt, is het gebrek aan focus en sturing vanuit de (nationale) overheid op de oplossingsrichting om Nederland in 2050 van het fossiele gas af te hebben. Iedereen probeert iets te doen maar niemand weet waar het naar toe gaat. Hierdoor ontstaan ook vele verschillende technische oplossingen die ,naast de investering, ook nog eens 20 jaar onderhouden moeten worden door de toch al schaarse monteurs.

Zou er meer richting worden gegeven aan de technische oplossing voor Nederland vanuit Den Haag, dan zou dit enorm kunnen helpen voor alle betrokken partijen in de energietransitie (huiseigenaar, corporatie, gemeente, industrie). Een duidelijke keuze brengt focus aan in het gehele traject en voorkomt een wildgroei van experimenten en technische installatievormen met als risico desinvesteringen.

Uit de gesprekken met de industrie en consultants kunnen we de vraag “Is er over 10 jaar een betere oplossing voor mijn woning?” met “ja” beantwoorden. Over 10 jaar zal er meer duidelijk zijn over ontwikkelingen zoals waterstof- of biogas en hybride systemen, maar bovenal verwachten (en hopen) wij dat er een eenduidige richting is over de wijze waarop Nederland in 2050 CO2 neutraal gaat worden.

Dit staat los van de acute vraag om per direct je energiekosten te verlagen in je woning. Wanneer in 2-5 jaar de investering terugverdiend kan worden zou een elektrisch kacheltje voor je koude voeten een uitstekende investering kunnen zijn voor de korte termijn. Echter, de huidige noodgrepen -als gevolg van de extreem hoge energieprijzen- hebben weinig van doen met de energietransitie en het verduurzamen van Nederland. Het is meer het blussen van brandjes.

Knop 5: Hoe kunnen we de Nationale CO2-doelstellingen van 2050 halen?

We willen deze vraag graag beantwoorden aan de hand van twee scenario’s die zijn geïnspireerd op de vele gesprekken die wij gevoerd hebben met deskundigen in Nederland. Aan jou als lezer de uitdaging om in te schatten hoe groot de kans van slagen is voor ieder scenario. Daarmee vormt zich tevens een eigen antwoord op de hierboven gestelde vraag. Natuurlijk is een combinatie van beide scenario’s ook mogelijk.

Scenario 1, Centraal en sociaal
Specialisten geven in onze gesprekken aan dat in de huidige (Q3 2022) aanpak essentiële zaken ontbreken zoals de centrale regie, een gekozen richting qua technologie, en een gemeenschappelijke financiering. Scenario 1 lost deze punten op waardoor de kans op succes van het project vele malen groter wordt.

In dit scenario wordt de regie van de transitie teruggelegd van de gemeentes naar de centrale overheid (Den Haag). Een speciaal multi-ministerieel projectteam zou dan de energietransitie aansturen en begeleiden.

Vanuit Den Haag wordt richting gegeven aan de transitie-technologie. Bijvoorbeeld, we zetten in op groen gas als nieuwe energiebron vanaf 2050. Door dit te doen krijgt de industrie richting voor hun development: iedere partij zal inzetten op groen gas, waardoor deze oplossingsrichting met veel meer kennis en power wordt ontwikkeld. Alle (financiële) pijlen worden hierop ingezet en kennis kan worden gebundeld. Hetgeen de kans aanzienlijk vergroot dat een ‘groen-gas-oplossing’ gaat lukken richting 2050.
Voor gemeentes, corporaties, VVE’s en voor woningeigenaren wordt door een eenduidige keuze van een nieuwe (hoofd)energiebron duidelijk waarin zij moeten investeren.

Voor het betalen van de transitie richten we in dit scenario een nationaal fonds op. Vanuit dit fonds wordt de energietransitie voor alle woningen in Nederland betaald. Iedere huiseigenaar/bewoner zal voor een langere periode per jaar een vast bedrag in dit fonds storten (via de belastingdienst). Bijvoorbeeld 30 jaar lang 500 euro per jaar. Of een bedrag naar inkomen. Op deze wijze betalen alle Nederlanders gezamenlijk de transitie. Maar daar krijgen ze ook iets voor terug.

Op basis van de technologie keuzes die landelijk gemaakt zijn, worden alle woningen voorzien van een voor deze woning passende oplossing om gasloos te worden. Dit kost de huiseigenaar niets. Dit wordt namelijk betaald uit het fonds. Voor de ene woning zijn de kosten “slechts” € 5.000 euro, de andere woning wellicht € 40.000. Voor beide geldt dat het fonds de kosten draagt en daarmee dus alle Nederlanders.
Bovendien hoeft de individuele huiseigenaar niet zelf de (ingewikkelde) technische zoektocht te ondernemen naar wat nodig en mogelijk is voor zijn woning. Dat zal zorgen voor versnelling van het transitietraject. Want: als je 5 miljoen huiseigenaren ieder hun eigen project geeft, gaat er niets gebeuren.

Gemeentes spelen in dit scenario nog steeds een hoofdrol in de transitie, niet meer in het beleid, maar in de uitvoering. Iets waar ze van origine altijd goed in zijn geweest.

Dat dit scenario kan werken heeft de geschiedenis bewezen met de transitie van kolen naar gas in de jaren 50. Hierbij werden in enkele jaren (!) alle kolenfornuizen in Nederland vervangen door gasfornuizen, op kosten van de overheid.


Scenario 2, Think out of the box

De focus van de huidige campagne is gericht op de doelstelling “van het gas af”. Wat als we dit zouden veranderen in “Nederland gaat minder én slimmer gas benutten”? Dus niet: van het gas af, leidingen verwijderen en woningen gedwongen afsluiten. Maar: leidingen behouden en gas gebruiken als aanvullende verwarmingsenergie voor de koudste dagen in het jaar. Alle andere dagen verwarmen we onze huizen elektrisch en gebruiken gas alleen voor ons warm water. Dit gas is in eerste instantie nog ons huidige, milieubelastende gas maar zal in de periode naar 2050 geleidelijk migreren naar groen gas. Gas afkomstig van bijvoorbeeld waterstof en biogas.

Met dit scenario kunnen we morgen beginnen. Iedere woning met een HR-CV ketel kan uitgebreid worden met een hybride warmtepomp. Deze reduceert je gasgebruik per jaar met zo’n 1.400 m3 gas, wat gemiddeld uitkomt op zo’n 70% reductie. De overige 30% gas blijft nodig voor warm water en als ondersteuning tijdens koude dagen voor de verwarming. Dit systeem kan werken met zowel radiatoren als vloerverwarming, dus je woning hoeft niet verbouwd te worden.

Of, zoals een van onze bronnen zei: ‘Laat grote groepen mensen kleine stappen maken, in plaats van kleine groepen mensen grote stappen.’
De hybride warmtepomp is bovendien 3x tot 5x goedkoper dan een ‘gewone’ warmtepomp.
Een bijkomstig voordeel is dat er dus vanaf 2023 begonnen kan worden met de realisatie om niet nog jaren hoeven te denken, onderzoeken en discussiëren over de oplossingsrichting. Een flinke besparing in tijd en geld.

Ook hier kun je voor de financiering per woning denken aan een fonds-oplossing zoals in scenario 1. Naar verwachting zullen de kosten per woning lager zijn dan in scenario 1.

Scenario 2 komt in grote lijnen overeen met de recente plannen van de fabrikanten van cv-ketels en warmtepompen, georganiseerd in de Nederlandse Verwarmingsindustrie (NVI). De fabrikanten zetten in op hybride warmtepompen. Bij een hybride warmtepomp wordt een (groen) gas cv-ketel gecombineerd met elektriciteit van een warmtepomp voor verwarmen en warm water. In dit plan van aanpak van de industrie en NVI heeft Nederland in 2050 haar CO2-doelstellingen gehaald. Onderstaand het transitieplaatje van de fabrikanten:

Voorwaarde in hun plannen is wel dat we afstappen van de huidige marketingaanpak “van het gas af”. In plaats daarvan laten we gas weer voor ons werken. We behouden het gasnetwerk en ontwikkelen de komende 30 jaar groen gas, als vervanger van het aardgas. (Groen)Gas blijven we gebruiken voor warmwater en bijverwarming in de winter.
Als alle woningen een hybride warmtepomp hebben zal het aardgasverbruik dalen van 8 miljard kuub naar 2 miljard kuub per jaar Deze 2 miljard kuub aardgas zal in de komende jaren (tot aan 2050) worden gereduceerd naar 0, door de ontwikkeling en uitrol van groen gas die het aardgas overneemt. De industrie ziet hiermee de hybride oplossing voor vele bestaande woningen als een eindstation. Moderne (nieuwe) woningen kunnen uiteraard wel volledig elektrisch worden uitgevoerd.

Het transport via en onderhouden van een gasnetwerk kost ook nog eens 20x minder dan het transport en onderhouden van een elektriciteitsnetwerk. Los van het gegeven dat het elektrificeren van gebouwde omgeving gaat vastlopen vanwege een tekort aan infrastructuur.

Voor vele wethouders en lokale beleidsmakers betekent dit wel even omdenken maar daarna zou dit mogelijk het groene licht kunnen zijn.

‘Gouda 10 jaar eerder van het gas af’ haalbaar?

In november 2021 diende de SGP in Gouda een motie in om de transitiedoelstelling van de gemeente aan te passen van 2040 naar 2050. Hierbij zou Gouda aansluiten bij de landelijke doelstelling en niet langer voor de troepen uit lopen. Deze motie werd afgeraden door GL, SP, CU en PvdA met globale argumenten zoals “de wereld heeft het al zo zwaar; ieder uur sterft er iemand in de wereld t.g.v. het milieu. We kunnen als Gouda niet langer wachten”. De suggestie werd gewekt dat meer tijd betekent dat mensen op hun handen gaan zitten. De motie van de SGP behaalde geen meerderheid en werd door de coalitie naar de prullenbak verwezen.

Met de kennis van dit onderzoek mag je concluderen dat de lokale politiek van Gouda in november 2021 onvoldoende inzicht en kennis had over wat een energietransitie betekent voor de inwoners in de stad en hoe men de energietransitie kan realiseren. Stel dat de gemeenteraad van Gouda in al haar wijsheid daadwerkelijk in 2040 de gastoevoer in de stad gaat afsluiten, dan zouden vele inwoners de stad moeten verlaten omdat hun woning niet tijdig kan worden aangepast of de middelen ontbreken. Ook de woningcorporaties zullen niet in 2040 gereed zijn. Hun planning is sowieso gebaseerd op 2050. Roepen dat op moment X je stad van het gas af is, zonder een plan op detailniveau waaruit blijkt dat dit ook kan, is bakerpraat.

Uit dit onderzoek blijkt dat we de periode tot 2050 ook echt nodig hebben om in Nederland CO2 neutraal te worden en wellicht is de beste oplossing daarbij om juist niet van het gas af te gaan maar het gasnetwerk te voorzien van groen gas, wat -gecombineerd met groene stroom- onze woningen van verwarming en warm water kan voorzien.

Willen we als Nederland het doel om in 2050 CO2 neutraal te zijn bereiken, dan is het noodzakelijk dat alle eerder getoonde dashboardknoppen zijnde “woning”, “techniek”, “financiën”, “materialen en mensen” en “visie op technologie” op het dashboard een positieve ontwikkeling van het transitieproject aangeven. Op dit moment is dat nog niet het geval.

Artikel als PDF downloaden? Klik hier
Ruwe data van de enquête downloaden? Klik hier
Categorie informatie downloaden? Klik hier