Een ambachtelijk bedrijf, verpakt in een oude fabriek

Gouda – Als journalist én thuiswerker wandel ik regelmatig door Gouda. Ik neem steeds een andere route en zo kom je wel eens iets tegen wat je aandacht trekt.  Zo wandelde ik laatst over ‘Onder de Boompjes’. Daar viel me het hoge fabriekspand aan mijn rechterhand op, met daarop in bakstenen koeienletters De Producent. Pal tegenover de rijtjeshuizen aan de andere kant van de straat.

Vreemd eigenlijk, zo’n fabriekspand midden in een woonwijk. Ik vroeg me af of het pand nog in gebruik is. De buitenkant, met stoffige raampjes, met hier en daar een barst of een scheur, deed vermoeden van niet. Ik ging dus op onderzoek uit. Na een paar telefoontjes ben ik erachter dat het bedrijf De Producent nog steeds bestaat, maar dat het geen activiteiten meer heeft in dit pand aan ‘Onder de Boompjes’.

De Producent had vroeger een ‘afdeling’ melk, veevoer en kaas, maar richt zich nu alleen nog op de productie van kaas.

Advertisements

Bedrijf zonder website
Wat gebeurt er dan wel in het oude fabriekspand? Volgens de man die mij namens De Producent te woord staat, is het pand van Kruyt BV, een bedrijf dat veevoer produceert.

Googelen levert geen website op, alleen een telefoonnummer. Bijzonder dat dat in deze tijd nog kan. Ik bel en krijg de eigenaar, Laus de Vos, aan de telefoon. Hij reageert enthousiast op mijn vraag wat er zoals gebeurt in ‘zijn’ pand en nodigt me uit voor een rondleiding. Een week later sta ik opnieuw voor de fabriek en zie ik hoe een lange vrachtwagen, op de cabine na, in het pand verdwijnt. Hier wordt duidelijk gelost of geladen.

Ik loop naar binnen door de openstaande deur en een sterke geur van veevoer dringt zich aan me op. Het doet me denken aan de geur in de stallen waar ik als kind wel eens kwam als ik ging spelen bij dat ene klasgenootje dat op een boerderij woonde.

Wat verder opvalt is dat er overal stof is: op de grond, op de machines, in de lucht. Een onvermijdelijk gevolg van de productie van het veervoer. Ik ben benieuwd hoe je zo’n pand als dit schoon kan houden.

1000 soorten voer
In het kleine kantoor zit Laus nog in gesprek met een vertegenwoordiger, maar hij biedt me desondanks een stoel aan. Als we even later in gesprek gaan, gaat de business gewoon door. Medewerkers vragen naar de orders van boer A of B en Laus geeft aanwijzingen voor de samenstelling van het voer. Dat is meteen een eyeopener: Kruyt produceert geen standaard-veevoer. Elke boer bestelt zijn voer in een unieke samenstelling.

Het veevoer wordt gemaakt van grondstoffen zoals mais, tarwe, rogge en een aantal bijproducten. In een bepaalde verhouding worden deze grondstoffen gemengd, gemalen en samengeperst tot staafjes (bix). Zo levert Kruyt wel 1000 (!) verschillende soorten voer.

Elke boer zijn eigen recept
Feitelijk heeft elke boer zijn eigen recept: letterlijk een eigen lijstje met ingrediënten in een specifieke verhouding. Maatwerk dus.

De samenstelling van het voer wordt bepaalt door de seizoenen (staan de koeien buiten of binnen?) en door de eisen van de melkproducenten. Je moet dus ook verstand hebben van het verteringsproces van de koe. Geeft de koe te vette melk? Dan wordt met Kruyt overlegd wat zij kunnen veranderen in de samenstelling van het voer.

Ik realiseer me dat de veevoerproducent feitelijk aan de basis van onze voedselketen staat.

Verder vertelt Laus dat dat Kruyt al in 1973 is begonnen met de productie van biologisch veevoer en dat nu al het voer dat zij produceren biologisch is.

Het verrast me. Gezien de gedateerde uitstraling van het pand, had ik deze hedendaagse benadering niet verwacht.

1000 m2 stofzuigen
Dan volgt de rondleiding. Een beeld zegt tenslotte meer dan woorden. De machines die de grondstoffen malen en het veevoer persen zijn indrukwekkend groot. Het malen van de mais, rogge en tarwe maakt een flink kabaal. Dat geldt ook voor het leeg- of volpompen van de vrachtwagens (met grondstoffen of veevoer). Volgens Laus blijft de geluidsoverlast voor de omwonenden binnen de normen. Mede hierom stopt de productie om uiterlijk tien uur ’s avonds. Als ik de huizen direct aan de overkant van de straat zie, kan ik me er iets bij voorstellen.Tegelijkertijd lijkt het me persoonlijk geen pretje voor de werknemers om elke dag in een omgeving te werken die zo lawaaiig en stoffig is.

Als ik hier een opmerking over maak, vertelt Laus me dat het stof niet schadelijk is: je kunt het bij wijze van spreken eten, zegt hij. En elke avond vegen en stofzuigen ze met z’n allen het pand. Ik denk aan de 1000 m2 die het pand groot is en ben blij dat ik dat niet hoef te doen. Interessant gegeven: de gehele productie vindt nog altijd mechanisch plaats. Niets is computergestuurd.

Uitzicht op de Van Brienenoordbrug
Na de rondgang langs de machines die malen en persen gaan we maar liefst 110 traptreden omhoog naar de bovenste verdiepingen van het pand. We komen aan op het zogenaamde silo-dak, waar ik zicht heb op de bovenkant van in totaal 61 silo’s. Dit grote aantal is nodig voor de vele soorten voer.

Het laatste trappetje brengt ons in een ruimte die toegang geeft tot het dak. Ondanks mijn hoogtevrees stap ik naar buiten, maar blijf een meter of vijf van de rand staan. Het uitzicht is prachtig. Laus wijst de hefbrug van Waddinxveen aan en we kunnen in de verte zelfs de Van Brienenoordbrug zien. Na even zoeken vind ik ook de straat waar ik zelf woon.

11 miljoen kilo voer
Terug in het kantoortje ben ik benieuwd hoeveel kilo voer Kruijt per jaar produceert. Dat is volgens hem 11.000 ton, oftewel 11 miljoen kilo voer. Dat klinkt als veel, maar volgens Laus is Kruyt een van de kleinste veevoederproducenten in Nederland.

Ten slotte blijft mijn vraag overeind wat een fabriek in een woonwijk in de binnenstad van Gouda doet. Ik leg ‘m voor aan Laus: ‘Is het niet beter om het bedrijf te verplaatsen naar goedkopere grond in een buitengebied en deze grond te (laten) benutten voor bijvoorbeeld woningen?’

Laus schudt zijn hoofd. ‘Onmogelijk en veel te duur,’ zegt hij. ‘Het verplaatsen of opnieuw bouwen van de machines en silo’s kosten klauwen met geld. Je hebt het al gauw over 12 tot 13 miljoen euro.’

Ik vraag me af of dit voor een projectontwikkelaar zo’n probleem is. Het gaat om een zeer groot terrein, waarbij je ook nog eens in de hoogte kan bouwen. Daarnaast is minder vrachtverkeer en geluid wellicht beter voor de leefkwaliteit van de woonwijk. Interessant om hier meer over te weten. Dit pak ik op in een vervolgartikel.

We ronden ons gesprek af. Ik zeg tegen Laus dat mij het meest heeft verrast dat het produceren van veevoer zo nauw luistert en dat bij het samenstellen ervan met zo veel factoren rekening moet worden gehouden. Zoals de spijsvertering van de koe en de invloed van seizoenen.

Laus knikt. ‘Als een koe niet helemaal in orde is, belt een boer eerst ons en dan pas de dierenarts. Vaak maakt en kleine wijziging van het voer al heel veel uit.’

 

30-07-2021 12:20